Skip to content Skip to footer

Jacht op aannemers voor de plaatsing van bewakingscamera’s

De Wet van 2 oktober 2017 tot regeling van de private en bijzondere veiligheid spits zich in principe toe op de regulering van de bewakingssector en veiligheidsdiensten.

De verankering van het toepassingsgebied van deze wet heeft echter verstrekkende gevolgen voor de aannemers die in het verleden regelmatig of sporadisch bewakingscamera’s plaatsten of lieten plaatsen voor een onderneming of particuliere klant. Dergelijke werken werden in het verleden vaak aangeboden en uitgevoerd door de aannemer elektriciteitswerken.

Sedert 31 oktober 2017 is het evenwel verboden voor een aannemer om zonder vergunning van de Minister van Binnenlandse Zaken nog bewakingscamera’s te plaatsen of zelfs te laten plaatsen door een onderaannemer. De wet bepaalt immers dat elke natuurlijke persoon of rechtspersoon die diensten van conceptie, installatie, onderhoud of herstelling van bewakingscamera’s aanbiedt of uitoefent, of zelfs als dusdanig bekendmaakt, een vergunning dient te bekomen van de Minister.

Hierbij is het belangrijk aan te stippen dat het louter bekendmaken of publiceren al een inbreuk op deze wet uitmaakt.

Wie dacht dat deze wet een dode letter zou blijven, heeft het echter grondig mis. Nadat in het KB van 6 juni 2018 de administratieve sanctieprocedure werd bepaald, staken de beëdigde agenten van het FOD Binnenlandse Zaken in de tweede helft van 2019 proactief van wal en werden er veelvuldig controles uitgevoerd met aanzienlijke boetes tot gevolg.

De controles verlopen volgens eenzelfde stramien waarbij in eerste instantie de website, maar ook de social media (o.a. Facebook), van de aannemer wordt gecontroleerd om na te zien of de plaatsing van bewakingscamera’s wordt aangeboden of werd uitgevoerd.

Daarnaast zal er ook een nazicht worden gedaan van de inschrijvingen in het KBO en de omschrijving van het doel in de oprichtingsakte van de vennootschap, aangezien aldaar eveneens een opsomming van activiteiten wordt weergegeven.

Indien er op basis van deze opzoekingen aanleidingen zijn om uit te gaan van potentiële inbreuken, zal een plaatsbezoek worden georganiseerd waarbij offertes, facturen, overeenkomsten, … verplicht zullen voorgelegd moeten worden.

De op te leggen boetes kunnen oplopen van 250 EUR tot 25.000 EUR, met dien verstande dat ook aan de zaakvoerder persoonlijk een afzonderlijke boete kan opgelegd worden.

Het is dan ook aangewezen om ofwel een vergunning te bekomen voor deze werken, dan wel om elke verwijzing naar de plaatsing van camera’s te verwijderen op uw website, social media en uit uw statuten te schrappen. 

Gert DAMIAANS